Twee mensen met hetzelfde totaal IQ kunnen verschillen: de een verwerkt een lange tekst gemakkelijk tot een samenhangend oordeel, terwijl de ander in korte tijd veel informatie nauwkeurig vergelijkt. Een cognitief profiel maakt dat verschil zichtbaar.
Een cognitief profiel is de opbouw achter totaal IQ
Totaal IQ vat het algemene niveau samen dat meerdere cognitieve taken gemeen hebben. Een cognitief profiel laat zien uit welke combinatie van vaardigheden dat niveau is opgebouwd.
De precieze domeinen verschillen per intelligentietest. Veelgebruikte vaardigheden zijn:
- woorden en verworven kennis gebruiken om betekenis te begrijpen
- relaties en regels in onbekende problemen ontdekken
- vormen, posities en onderlinge verhoudingen in gedachten verwerken
- informatie tijdelijk vasthouden en tijdens het denken gebruiken
- visuele informatie snel en nauwkeurig blijven zoeken, vergelijken en verwerken
In de WAIS-IV-NL vormen fluïde redeneren en visueel-ruimtelijke verwerking geen afzonderlijke primaire indexen; taken voor beide vaardigheden vallen onder de Perceptueel Redeneren Index (PRI). Meer over de testindexen staat bij de indexen van de WAIS, en de relatie tussen vijf brede vaardigheden bij de CHC-theorie.
Bij een cognitief profiel maak je onderscheid tussen het niveau ten opzichte van leeftijdsgenoten en de relatieve verschillen binnen één persoon. Verwerkingssnelheid kan bijvoorbeeld bovengemiddeld zijn en toch relatief lager liggen dan iemands nog hogere verbaal begrip en redeneervermogen.
De laagste vaardigheid binnen iemands profiel kan ten opzichte van de algemene bevolking nog steeds bovengemiddeld zijn. Ook bij hetzelfde totaal IQ maakt het uit of de vaardigheden dicht bij elkaar liggen of juist sterk van elkaar verschillen: daardoor kunnen bij verschillende soorten taken andere sterke kanten naar voren komen.
Verschillen tussen vaardigheden worden zichtbaar in stappen van werk, gesprekken en studie
In het dagelijks leven helpt het om niet alleen naar een beroep of activiteit te kijken, maar naar de afzonderlijke handelingen waaruit die bestaat.
Als je verbaal begrip hoog is en je verwerkingssnelheid relatief lager, kun je snel het doel van een rapport begrijpen en de hoofdpunten en conclusie bepalen. Toch kan veel tijd gaan zitten in het zoeken en invoeren van cijfers en citaten, het consistent maken van de opmaak en de laatste controle. De inhoud begrijpen is dan niet het knelpunt; de belasting zit dan vooral in de latere stappen waarin je die inhoud tot een afgewerkt product maakt.
Als redeneren of visueel-ruimtelijke verwerking sterk is en werkgeheugen relatief lager, kun je de structuur en oplossing vinden zodra de voorwaarden op papier staan. Je kunt juist vastlopen wanneer je meerdere mondeling gegeven voorwaarden of tussenresultaten alleen in gedachten moet vasthouden. Ook bij studie kan niet de moeilijkheid van een concept, maar hoofdrekenen of het tegelijk onthouden van voorwaarden tot fouten leiden.
Dezelfde werkwijze kan voor de één duidelijker worden uitgelegd in tekst en voor de ander in een schema. Meer over zulke relatieve voorkeuren staat bij verbale en non-verbale sterke kanten.
Splits een knelpunt op in begrijpen, vasthouden, beslissen en uitvoeren
BrainTypeIQ verbindt verschillen tussen vaardigheden met het dagelijks leven door een probleem te verdelen in begrijpen, vasthouden, beslissen en uitvoeren. Achter dezelfde klacht, zoals ‘ik kan een vergadering niet goed volgen’, kunnen verschillende knelpunten zitten.
| Stap | Wat er gebeurt | Welke voorwaarde je kunt veranderen |
|---|---|---|
| Begrijpen | Onbekende vaktermen of ontbrekende voorkennis maken het lastig om tot een samenhangend begrip te komen | Deel vooraf de agenda, begrippen en stukken |
| Vasthouden | Tijdens het luisteren naar de volgende spreker verdwijnt een eerder punt of je vraag uit beeld | Noteer kernpunten en open besluiten in een gedeeld document |
| Beslissen | Je begrijpt de inhoud, maar weet nog niet of je moet instemmen, tegenspreken of doorvragen | Geef vooraf besliscriteria of antwoordopties |
| Uitvoeren | Na afloop kun je het opschrijven, maar tijdens de vergadering gaat het gesprek verder voordat je de woorden vindt | Bereid spreekpunten voor en vul aan via chat of een bericht na afloop |
Met alleen ‘vergaderingen zijn moeilijk’ kun je nog niet kiezen wat moet veranderen. Gebruik het cognitieve profiel om te bepalen in welke stap de belasting kan oplopen en controleer vervolgens wat er in de werkelijke situatie gebeurt. Door tijdsdruk, onderbrekingen of meerdere taken tegelijk kan het knelpunt bij dezelfde persoon verschuiven.
Zet een sterke vaardigheid om in een systeem voor de lastige stap
Een cognitief profiel wordt praktisch wanneer je een sterke vaardigheid omzet in een systeem dat een moeilijkere stap ondersteunt.
Heb je een sterk verbaal begrip en kosten vergelijken en invoeren meer tijd, leg dan vooraf in woorden de categorieën, afrondingscriteria en standaardformuleringen vast. Zet die om in keuzelijsten of sjablonen, zodat je de inhoudelijke beslissing niet per geval opnieuw hoeft te nemen en in de snelle fase vooral hoeft te kiezen en in te voeren.
Ben je sterk in redeneren of visueel-ruimtelijke verwerking en loop je vast op het vasthouden van meerdere voorwaarden, zet dan de volgorde en afhankelijkheden in een schema. Noteer tussenresultaten en je huidige positie. Zo gebruik je je kracht in het vinden van structuur en hoef je minder informatie alleen in gedachten te bewaren.
Oefen de vaardigheid die een taak werkelijk vraagt rechtstreeks. Verlaag daarnaast de belasting van onthouden en controleren met notities, checklists, sjablonen en kleinere werkstappen. Dat sluit directer aan op de werkelijke taak dan de verwachting dat je ieder relatief lager domein algemeen kunt trainen.
Met BrainTypeIQ doe je negen onderdelen. Daarna zie je je totale IQ en je cognitieve profiel op basis van vijf domeinen. Met de uitleg van het BrainTypeIQ-rapport kun je de verschillen verbinden met stappen in werk en studie.