Verbaal en non-verbaal gaan over de vorm van begrip
Verbaal en non-verbaal beschrijven in welke vorm informatie makkelijker binnenkomt. Dezelfde inhoud kan voor de ene persoon beter te begrijpen zijn via tekst of gesprek, en voor de ander via schema's, plaatsing of patronen.
- Verbaal gericht — begrip verloopt makkelijker via tekst, gesprek, uitleg en het verwoorden van concepten
- Non-verbaal gericht — begrip verloopt makkelijker via schema's, plaatsing, patronen en de structuur van objecten
Dit is geen rangorde van vermogen, maar een verschil in ingang. Verbaal gericht betekent niet dat iemand geen schema's kan gebruiken. Non-verbaal gericht betekent niet dat iemand geen woorden kan gebruiken.
In een cognitief profiel hangt verbaal gericht begrip vaak samen met sterke Gc. Non-verbale vormen kunnen makkelijker worden wanneer Gv of Gf sterker zichtbaar zijn.
Kijk per situatie
Of verbaal of non-verbaal makkelijker is, kun je niet uit één situatie afleiden. Het is praktischer om per situatie te kijken welke vorm stabieler werkt.
| Situatie | Wanneer taal makkelijker werkt | Wanneer non-verbaal makkelijker werkt |
|---|---|---|
| Een nieuw concept begrijpen | Betekenis komt makkelijker binnen via tekst of mondelinge uitleg | Structuur komt makkelijker binnen via schema of flowchart |
| Een route onthouden | Tekst zoals "derde straat rechts" werkt makkelijker | Kaart of ruimtelijke voorstelling werkt makkelijker |
| Gedachten ordenen | Spreken of schrijven helpt om te ordenen | Tekenen of plaatsen helpt om te ordenen |
| Stappen onthouden | Handleiding of opsomming werkt makkelijker | Eindbeeld of voorbeeld werkt makkelijker |
| Uitleg geven | Stap voor stap verwoorden werkt makkelijker | Schema of plaatsing helpt om over te brengen |
Mensen vallen niet altijd volledig in één kant. Per inhoud kan taal beter werken, of juist schema's en plaatsing. Belangrijker dan een label kiezen is zien in welke vorm begrip en output stabieler worden.
De relatie met de 5 domeinen
Verbaal en non-verbaal worden niet door één domein alleen bepaald. Toch maakt het cognitieve profiel bepaalde tendensen makkelijker leesbaar.
| Tendens | Domeinen die vaak meespelen | Hoe het zichtbaar kan worden |
|---|---|---|
| Verbaal gericht | Gc | Begrip via tekst, gesprek, concepten en uitleg |
| Non-verbaal gericht | Gv | Begrip via vormen, posities en plaatsing |
| Non-verbaal redeneren | Gf | Patronen en relaties in nieuwe informatie vinden |
| Outputgemak | Gwm / Gs | Beïnvloed door vasthouden, snelheid en handelen |
Wanneer Gc hoog is en Gv relatief lager, kan uitleg via woorden makkelijker zijn terwijl schema's meer tijd kosten. Wanneer Gv hoog is en Gc relatief lager, kunnen schema's en plaatsing makkelijker zijn terwijl verbaal uitleggen meer belasting geeft.
Gebruik ingang en uitgang apart
Bij verbaal/non-verbaal helpt het om de ingang van informatie en de uitgang van informatie apart te zien.
- Als woorden makkelijker binnenkomen, orden dan eerst met tekst of opsomming
- Als beelden makkelijker binnenkomen, teken dan eerst plaatsing of structuur
- Als uitleg in woorden moeilijk is, gebruik dan schema's of notities als steun
- Als schema's maken moeilijk is, verwoord dan eerst stappen en kernpunten
De ingang en uitgang hoeven niet dezelfde vorm te hebben. Iemand kan iets via schema's begrijpen en daarna in woorden uitleggen, of via tekst begrijpen en daarna in een schema zetten.
Verbaal en non-verbaal zijn geen vaste labels, maar manieren om te bepalen in welke volgorde informatie hanteerbaarder wordt.
Lezen met BrainTypeIQ
Met BrainTypeIQ kun je via een online IQ-test met 9 onderdelen het totaal IQ en verschillen in het cognitieve profiel bekijken. Door Gc, Gf, Gv, Gwm en Gs te bekijken, ontstaat een ingang om te bedenken of woorden, schema's of structuur makkelijker werken.
Het is geen vervanging voor een diagnose. Het kan wel helpen om passende vormen van input en output te kiezen.