Bij visueel-ruimtelijke verwerking houd je posities vast terwijl je vormen in gedachten bewerkt
Visueel-ruimtelijke verwerking is het vermogen om vorm, richting en positie vast te houden terwijl je figuren in gedachten draait, ontleedt of samenstelt. Verschillen worden duidelijker wanneer je een richting moet veranderen of meerdere ruimtelijke stappen moet volgen dan wanneer je een vorm alleen herkent zoals die voor je staat.
Gv omvat mentale rotatie, het onthouden van onderlinge posities en richtingen en het samenstellen van delen tot een geheel. Ook de term visueel-ruimtelijke cognitie wordt gebruikt voor het herkennen en bewerken van vormen en posities.
Je gebruikt deze vaardigheid wanneer je een kaart met je rijrichting meedraait, vanuit een plattegrond de indeling van een kamer voor je ziet of bedenkt hoe je een meubel moet draaien om het door een deuropening te krijgen.
Situaties waarin een hogere of lagere Gv zichtbaar wordt
| Situatie | Bij een hogere Gv | Bij een lagere Gv |
|---|---|---|
| Rotatie en richting | Een gedraaide vorm snel met het voorbeeld vergelijken | Rotatie en spiegeling gemakkelijker met elkaar verwarren |
| Delen en geheel | Vanuit de complete vorm terugredeneren welke onderdelen nodig zijn | Meer tijd nodig hebben om te zien waar een onderdeel in het geheel past |
| Kaarten en tekeningen | Posities blijven volgen wanneer de oriëntatie van de afbeelding verandert | Dezelfde indeling moeilijker herkennen nadat de afbeelding is gedraaid |
| Verandering in meerdere stappen | In gedachten volgen wat er gebeurt bij vouwen, snijden of samenstellen | Onderweg gemakkelijker de vorm of de onderlinge posities kwijtraken |
In de WAIS-IV-NL komt Gv sterk terug in Blokpatronen en Figuur Samenstellen
In de huidige WAIS-IV-NL staan subtests die sterk met visueel-ruimtelijke verwerking samenhangen binnen de Perceptueel Redeneren Index (PRI).
| Subtest | Positie | Verwerking die centraal staat |
|---|---|---|
| Blokpatronen | Kernsubtest | Een voorbeeld in delen ontleden en met de richting en plaatsing van blokken opnieuw opbouwen |
| Figuur Samenstellen | Kernsubtest | De onderdelen van een complete figuur in gedachten draaien en combineren |
| Onvolledige Tekeningen | Aanvullende subtest | Het geheel van een afbeelding overzien en een belangrijk ontbrekend onderdeel herkennen |
Binnen dezelfde PRI leggen Matrix Redeneren en Gewichten meer nadruk op het afleiden van regels uit relaties tussen figuren of hoeveelheden. De WAIS-IV-NL brengt Gv en Gf dus in één index samen.
In de internationale Engelstalige WAIS-5 vormen Block Design en Visual Puzzles de Visual Spatial Index (VSI), los van de Fluid Reasoning Index (FRI). Dit is niet de indexindeling van de huidige WAIS-IV-NL. De veranderingen tussen beide versies staan in de vergelijking van WAIS-IV en WAIS-5; hoe je de PRI aan de hand van de subtests interpreteert, staat in de uitleg over een lagere score op perceptueel redeneren.
Het verschil tussen visueel-ruimtelijke verwerking en fluïde redeneren
Het verschil tussen visueel-ruimtelijke verwerking (Gv) en fluïde redeneren (Gf) is of je vooral een figuur zelf verandert of uit de relaties tussen figuren een regel afleidt.
| Domein | Centrale verwerking | Kenmerkende taak |
|---|---|---|
| Gv: visueel-ruimtelijke verwerking | Een vorm draaien, ontleden of samenstellen en de posities behouden | Blokpatronen, Figuur Samenstellen, papier vouwen |
| Gf: fluïde redeneren | Uit meerdere gegevens een regel of gelijkwaardige relatie afleiden | Matrix Redeneren, Gewichten |
Wanneer je moet bedenken welke complete vorm uit losse stukken ontstaat, staat Gv centraal. Wanneer je uit de volgorde van figuren afleidt welke vorm daarna komt, staat Gf centraal. Beide soorten verwerking kunnen in een figuuropgave worden aangesproken, maar de denkstap naar het antwoord verschilt.
BrainTypeIQ berekent de Gv-score uit papier vouwen en samenstelpuzzels, naast de scores voor Gc, Gf, Gwm en Gs.