Bij Symbool Substitutie Coderen schrijf je bij ieder cijfer het bijbehorende symbool
Bij de WAIS-IV-NL-subtest Symbool Substitutie Coderen gebruikt de deelnemer een sleutel waarin cijfers aan symbolen zijn gekoppeld. Onder een reeks cijfers wordt telkens het bijbehorende symbool geschreven. Dezelfde handeling wordt twee minuten lang herhaald, waarbij snelheid en nauwkeurigheid samen tellen.
Symbool Substitutie Coderen is samen met Symbool Zoeken een kernsubtest van de Verwerkingssnelheid Index (VsI). Als kernsubtest maakt zij deel uit van de WAIS-IV-NL voor 16:0 tot en met 84:11 jaar.
De taak vraagt een voortdurende overgang van de cijferreeks naar de sleutel en terug: het cijfer herkennen, de juiste koppeling vinden, de vorm van het symbool vasthouden en die vorm met de hand reproduceren. Dat maakt de motorische uitvoer zichtbaarder dan bij Symbool Zoeken.
Snelheid en nauwkeurigheid vormen samen de prestatie
Veel symbolen invullen is alleen gunstig wanneer de koppeling en de getekende vorm correct blijven. Zeer zorgvuldig schrijven met veel controle kan de voortgang beperken, terwijl gehaast schrijven tot verkeerde koppelingen of onduidelijke symbolen kan leiden.
De uitkomst wordt met normen voor dezelfde leeftijd vergeleken. Een hogere of lagere score vat daardoor samen hoe snel en nauwkeurig iemand deze specifieke keten van zoeken, koppelen en schrijven uitvoert. Die score zegt niet op zichzelf hoe snel iemand een ingewikkelde uitleg begrijpt of een complex probleem oplost.
Visueel zoeken, associatief leren en schrijven worden voortdurend herhaald
Tijdens de taak volgen meerdere processen elkaar in korte stappen op:
- het volgende cijfer in de werkrij herkennen
- het overeenkomstige cijfer in de sleutel vinden
- het gekoppelde symbool nauwkeurig onderscheiden
- de vorm kort onthouden en met de hand schrijven
- controleren of de koppeling klopt en doorgaan naar het volgende cijfer
- door herhaling sommige cijfer-symboolkoppelingen sneller beschikbaar krijgen
Vooral visueel zoeken en vergelijken, fijnmotorische schrijfsnelheid en het aanleren van willekeurige koppelingen beïnvloeden de prestatie. Het associatieve leren kan de sleutel tijdens de herhaling minder belastend maken, maar de kern blijft dat ‘vinden, koppelen en schrijven’ vlot en correct doorloopt.
Wat een hogere of lagere score op Symbool Substitutie Coderen kan laten zien
Bij een hogere score lukt het ten opzichte van leeftijdsgenoten relatief goed om een cijfer snel aan het juiste symbool te koppelen, het symbool nauwkeurig te schrijven en zonder veel onderbreking naar de volgende koppeling te gaan.
Bij een lagere score kan de belasting liggen bij het doorzoeken van de sleutel, het vasthouden van de koppeling, het nauwkeurig reproduceren van kleine vormen, het herstellen van vergissingen of het gelijkmatig blijven schrijven. Bij iemand die langzaam schrijft of moeite heeft met fijne handmotoriek, kan dat sterker in deze score zichtbaar worden dan in Symbool Zoeken.
Ligt Symbool Substitutie Coderen duidelijk lager dan Symbool Zoeken, dan kunnen het schrijven, het leren van de cijfer-symboolkoppelingen of het blijven raadplegen van de sleutel relatief meer belasting geven. Ligt Symbool Zoeken lager, dan lijkt juist het doorzoeken van meerdere symbolen en beslissen over een exacte overeenkomst zwaarder. De dagelijkse uitwerking staat in wat een lagere verwerkingssnelheid betekent; scoreverschillen lees je via een WAIS-resultaat lezen.
Het verschil met Symbool Zoeken en Figuur Zoeken
| Subtest | Directe taak | Proces dat extra nadruk krijgt |
|---|---|---|
| Symbool Substitutie Coderen | Volgens een sleutel symbolen bij cijfers schrijven | Sleutel raadplegen, associaties gebruiken en symbolen schrijven |
| Symbool Zoeken | Beslissen of een voorbeeld in een kleine zoekgroep aanwezig is | Lokale visuele zoekactie, vormvergelijking en ja/nee-beslissing |
| Figuur Zoeken | Doelfiguren in een bredere visuele ordening markeren | Brede zoekroute, selectieve aandacht en afleiders negeren |
Bij Symbool Zoeken hoeft het symbool zelf niet te worden getekend. Bij Figuur Zoeken wordt geen cijfer-symboolsleutel gebruikt, maar blijft één doelvoorwaarde beschikbaar terwijl een groter gebied wordt doorzocht. De drie taken combineren tempo en correctheid, maar verschillen in zoekruimte, geheugenbelasting en motorische uitvoer.
BrainTypeIQ symbolen zoeken is niet dezelfde meting
Symbolen zoeken in BrainTypeIQ vraagt om voorbeeldsymbolen met een kleine zoekgroep te vergelijken en op het scherm te beslissen of een exacte overeenkomst aanwezig is. Er wordt geen cijfer-symboolsleutel gebruikt en er hoeven geen symbolen met de hand te worden geschreven. Binnen BrainTypeIQ draagt deze taak bij aan verwerkingssnelheid (Gs).
Daarom ligt de taakvorm dichter bij WAIS-IV-NL Symbool Zoeken dan bij Symbool Substitutie Coderen. De itemset, timing, antwoordvorm, scoreberekening en vergelijking verschillen bovendien. Een BrainTypeIQ-score op symbolen zoeken is dus geen WAIS-IV-NL-score op Symbool Substitutie Coderen.